Misschien herken je jezelf in deze situatie: je staat op het punt om je eerste boek te schrijven, of je hebt zojuist je eerste boek afgerond en wil het door een kritische lezer laten beoordelen voordat je je boek naar een uitgever stuurt. Je weet dat een niet geredigeerd manuscript geen schijn van kans maakt om uitgegeven te worden. Aan familieleden of vrienden heb je doorgaans, wat de beoordeling van je manuscript betreft, niet zoveel. Zij willen je niet kwetsen. Ze vinden je manuscript altijd wel aardig, maar ze kunnen geen vakkundig commentaar leveren. Dus op zoek naar een vakkundige begeleider. Maar waar vind je die, en hoe weet je dat de begeleider vakkundig is?
   Op internet wemelt het van de eenmansbedrijfjes, bureautjes die zich daarmee bezighouden. Vaak met bedrijfsnamen als: De Taaltuin, Schrijflab, Het lettervrouwtje, De schrijfhobbit, Yogaschrijven; je kunt het zo gek niet bedenken. Er worden cursussen aangeboden die een intensieve en persoonlijke begeleiding beloven op een Grieks eiland of in een karakteristiek boerderijtje ergens in Frankrijk.
   Daar is natuurlijk niets op tegen, maar meestal hebben dit soort ‘begeleiders’ niet meer dan een halve schrijfcursus gevolgd bij iemand die een hele schrijfcursus heeft gevolgd. Laat staan dat zij ooit hebben gepubliceerd. Een serieuze, beginnende schrijver zal al gauw ontdekken dat dit soort ‘begeleiders’ vaak schromelijk te kort schieten. Maar hoe scheid je het kaf van het koren, als het op internet wemelt van dit soort literaire marskramers?
Om de beginnende schrijver de helpende hand te bieden, volgen hier tien tips waarmee men de goede begeleiders van de slechte kan onderscheiden:


1.Heeft de begeleider die zich aanbiedt zelf een relevante schrijfcursus gevolgd? Zo ja, bij welk instituut?
2.Heeft de begeleider cursisten begeleid, al dan niet privé, die uiteindelijk zijn gedebuteerd bij een serieuze uitgever? (Dus: geen Public on Demand.)
3.Aan welke instellingen heeft de begeleider lesgegeven?
4.Heeft de begeleider zelf gepubliceerd? Zo ja, titels en uitgevers. (Ook hier: geen POD.)
5.Wanneer heeft de begeleider voor het laatst gepubliceerd?
6.Werd zijn werk door de media besproken?
7.Heeft de begeleider een website; welke indruk geeft de site: rommelig of juist overzichtelijk en informatief.
8.Kan de begeleider een raming van de kosten vooraf overleggen, zodat de opdrachtgever niet voor financiële verrassingen komt te staan?
9. Werkt de begeleider met facturen, zodat de opdrachtgever de kosten van begeleiding eventueel voor de belasting kan aftrekken?
10.Staat de begeleider ingeschreven bij de Kamer van Koophandel?
Als je moet vaststellen dat de begeleider op de meeste vragen negatief scoort, vraag je dan serieus af of je met deze begeleider wel in zee moet gaan.